Onlangs had ik een afspraak in Culemborg. Vanuit mijn huis in het centrum van de Alblasserwaard reed ik langs Noordeloos, Meerkerk, Nieuwland, Leerbroek, Schoonrewoerd en bij het Wiel van Bassa de Diefdijk over waarmee ik formeel de grens van het Groene Hart passeerde.
Terug moest ik eerst nog langs Streefkerk. Ik verliet de Vijfheerenlanden via Hei- en Boeicoop, reed tussen Meerkerk en Groot-Ammers over de ruilverkavelingswegen door het daar totaal verlaten, grootschalige, soms bijna industriële open landschap van dat deel van de Alblasserwaard.
Na Streefkerk nam ik eerst de oude Zijdeweg, daarna de ruilverkavelingsweg langs de Donkse Laagten om uiteindelijk via de Brandwijksedijk en de Damseweg weer op de Vuilendam terug te keren.
Allemaal wegen en routes die stammen uit de vroege middeleeuwen, met uitzondering van de ruilverkavelinsgwegen die in de jaren ’60 van de vorige eeuw het daarvoor vrijwel onbereikbare middengebied van de Waard hebben ontsloten.
Ze voeren je door een landschap dat door mensen is gemaakt, voortdurend verandert en tegelijkertijd zo herkenbaar hetzelfde is gebleven. Als je er oog voor hebt zie je de ontginningssporen, de stroomgebieden van de oude veenriviertjes, de eeuwenoude kades en Tiendwegen. Je ziet waar het veen en waar de klei de overhand hebben, je ziet de glooiingen van de Donken die al in de oertijd bewoond werden, je passeert de boezems, door de monniken in de 13e eeuw gegraven, waardoor het water tientallen kilometer verder naar het westen in Kinderdijk de afgevoerd kon worden.
Je rijdt die route in de wetenschap dat je door één van de dichtbevolkte regio’s van West Europa rijdt en tegelijkertijd ervaar je een enorme ruimte, weidsheid en stilte.
Je ziet ook dat op 95% van de percelen het gras al bijna aan een tweede snede toe is, monotone grasvlaktes waar alleen ganzen zich nog thuis lijken te voelen. Je ziet lelijke naoorlogse woonwijken, enorme nieuwe stallen, windmolens en hoogspanningsmasten, ontwikkelingen die nu eenmaal niet tegen zijn te houden, ongetwijfeld zullen doorgaan.
Maar je ziet ook op steeds meer plekken de resultaten van inspanningen om het landschap te behouden, de biodiversiteit te verbeteren, pogingen van de boeren om de bedrijfsvoering aan te passen aan het landschap. Je ziet dat nieuwe woonwijken, zoals in Langerak-zuid, zorgvuldig aansluiten bij het landschap en kwaliteit toevoegen.
En je weet dat overal in het Groene Hart heel veel mensen met hart en ziel bezig zijn om dit nog verder te stimuleren. Dat geeft hoop.
Eric Spaans
bestuurslid Stichting Groene Hart
Zoals gebruikelijk zijn reacties welkom via info@groenehart.info.
